Interactieve
Kaart

'Het spoor als ruggengraat'

'Het spoor als ruggengraat'

Een van de speerpunten uit deOntwikkelperspectief en -strategie is de wens om één Zuidoost te creëren. Op dinsdag 23 januari heeft ZO!City met de gemeente Amsterdam de bijeenkomst ‘Het spoor als ruggengraat’ georganiseerd. De ambitie is om van die spoorlijn een ruggengraat te maken. Een ruggengraat met twee actieve zijden die elkaar op een positieve manier beïnvloeden en versterken. Met een opkomst van 30 man is nagedacht welke opgaven en uitdagingen er liggen om ‘de Bijlmer’ en Amstel III met elkaar te verbinden. 

VERSLAG BIJEENKOMST

Inloop en uitdelen badges
Genodigden worden ontvangen met koffie en thee. Er worden twee soorten badges uitgedeeld; één met de tekst: “Ik woon/werk ten oosten van het spoor” en “ik woon/werk ten westen van het spoor”. De aanwezigen krijgen de badge die (het meest) op hen van toepassing is.

1. Opening
Opening door moderator, Theo Dohle. Theo heet alle aanwezigen welkom. Deze bijeenkomst is georganiseerd als een Zuidoost meet up. Aanleiding hiervoor was dat Ellen Nieuweboer, projectmanager vanuit Stadsdeel Zuidoost, heeft benoemd dat het spoor tussen Amsterdam en Utrecht als barrière door Zuidoost loopt. Het doel is om dit spoor meer als een ruggengraat te zien, waarbij beide kanten van het spoor van elkaar profiteren.

2. Toelichting op de bijeenkomst door Thijs Box (gemeente Amsterdam)
Thijs geeft door middel van een presentatie een kijk op de verschillen tussen de gebieden ten westen en ten oosten van het spoor. *Zie presentatie Thijs Box*
Na de presentatie van Thijs wordt gevraagd of er parallellen zijn tussen de ontwikkelingen rondom de Zuidas en de verbinding met de stad, en Zuidoost. Toen Zuidas ontwikkeld werd was er aan beide kanten van het spoor niets. Bij Zuidoost is de opgave anders. Zuidas is er niet in geslaagd om een goede verbinding over het spoor te maken. Dat kan in Zuidoost wel. Er is een enorme urgentie om Bijlmer-West als woongebied te ontwikkelen.
De vraag rijst waarom het maken van een verbinding op de Zuidas mislukt is. Het ondergronds brengen van de A10 zou worden betaald door opbrengsten uit wonen en werken, maar toen brak de crisis uit en werd dit uitgesteld. Inmiddels wordt Zuidas wel degelijk als een gemixt gebied ontwikkeld.
Daarnaast vragen aanwezigen zich af wat is doel van deze sessie is. Is het doel daadwerkelijk het spoor als ruggengraat? Het moet niet blijven bij deze leus. Het meest logische lijkt het mengen van functies, en dan is een ruggengraat niet meer van toepassing. Daarentegen is de term ruggengraat vooral een positieve benadering van een barrière. Conclusie is dat er meer gemixt moet worden in functies, maar dat dit ook niet moet doorschieten waarbij iedereen uitgaat van zijn eigen agenda. De kernopgave is dat voorkomen moet worden dat de twee helften sociaal-economisch uit elkaar groeien; ze moeten elkaar juist versterken. Ontsluiting van het gebied is daarbij ook belangrijk.

3. Visie op Zuidoost door Hans Meiboom
Hans Meiboom, creatief strateeg, is woonachtig en werkend in Zuidoost. Hij komt vertellen over zijn ervaringen in Zuidoost. Begonnen als ontwerper, nu een veel breder takenpakket met meer communicatie en branding van het gebied. In zijn presentatie probeert Hans te duiden hoe bewoners uit verschillende delen van zuidoost het gebied zien en waar de moeilijkheden liggen om het tot een coherent geheel te maken.
Hans woont sinds 1989 in de Bijlmer. Zijn boodschap is: kijk naar cultuur als bindmiddel. Mensen maken een gebied. In de Bijlmer is een groot verschil in culturen aanwezig, wat soms een gat slaat in de belevingswereld van mensen. Het is belangrijk dat mensen zich in elkaar verplaatsen. Juist de aanwezigheid van zoveel verschillende culturen maakt de Bijlmer uniek.
Een belangrijk thema is sociaaleconomische duurzaamheid. Religie zou hierin ook moeten worden meegenomen, aangezien religie ook cultuur is. De Bijlmer Art Route kan ook een rol spelen bij deze sociaaleconomische duurzaamheid, door het gebied op de kaart te zetten en daarmee te inspireren.
Bij het leggen van de verbinding tussen Bijlmer en Amstel III is het belangrijk om onderscheid te maken tussen “software” (cultuur) en “hardware”(gebouwen). Tussen beide aspecten moet ook een verbinding worden aangegaan. Nu wordt nog vaak ervaren dat hardware gebruik maakt van software om verbindingen te leggen, maar de financiering van deze software blijft soms achter. Het zou goed zijn om vooraf te investeren in de software, ook vanuit de gemeente. Wat ontbreekt is geld voor cultuur. Daarbij komt dat het cultuurbudget slechts voor beperkte groepen beschikbaar is. Een voorstel is om een fonds voor cultuur op te richten. Dit fonds kan gevuld worden vanuit bijvoorbeeld een opslag uit festivaltickets die plaatsvinden in of rondom de Bijlmer. Andere voorstellen die worden gedaan is het hergebruiken van kunstwerken en het beschikbaar stellen van budget voor kunst bij aanvang van een project vanuit de gemeente, woningcorporaties of eigenaren. Geconcludeerd kan worden dat programmering en budget voor cultuur belangrijk is.
Toevoeging hierop is dat er niet alleen gekeken moet worden naar ‘hardware’ en ‘software’, maar vooral ook geluisterd moet worden naar alle mensen die in Zuidoost wonen en werken. Vastgoedeigenaren kijken vaak naar de lange termijn, waarbij ook de openbare ruimte een grote rol speelt. Samenwerking hierbij is van groot belang. Er is door verschillende vastgoedeigenaren een buurtvisie op buurtniveau ontwikkeld, er kan nog een slag worden geslagen in het verbinden van deze visie met het gebied ten oosten van het spoor.

4. Wonen in de Bijlmer, ervaringen van Ellen van Dalen
Ellen van Dalen is journalist, antropoloog én bewoner van de Bijlmer. Naar aanleiding van haar opiniestuk in het Parool op 10 december deelt zij haar ervaringen over wonen in de Bijlmer en de kansen die het stadsdeel nog heeft. https://www.parool.nl/opinie/-maak-de-bijlmer-tot-symbool-van-ideale-stad~a4544383/
Tot 2001 woonde Ellen aan de Herengracht. Toen er kinderen kwamen verhuisde het gezin naar Java-eiland en daarna naar Watergraafsmeer. Na een scheiding huurde ze een woning op IJburg, maar na enige tijd ging Ellen rondkijken naar een koopwoning. Uiteindelijk is ze uitgekomen op Zuidoost. In Zuidoost voelt zij zich een “Nieuw soort bewoner” van de Bijlmer; zij is de eerste van haar familie-vriendenkring die deze stap heeft gemaakt. Ellen ziet de Bijlmer als een succesverhaal; het Brooklyn-Bijlmer verhaal, gekenmerkt door de vele culturen die aanwezig zijn.
Ellen’s boodschap richt zich met name op de urgentie om de Bijlmer een plek te laten zijn voor iedereen, waar iedereen samen leeft en culturen niet langs elkaar heen. Haar ervaringen van IJburg zijn dat alles in rap tempo gebouwd werd en er daardoor clusters van culturen ontstonden die geen interactie hebben. Ellen vindt dat zonde en denkt dat dat niet de bedoeling kan zijn. We staan aan de vooravond van een verandering van de Bijlmer, en als bewoner wil zij daar actief aan bijdragen. Samen met alle andere bewoners en gebruikers.
Het leggen van verbindingen is belangrijk, en het is goed dat hierbij iemand de regie pakt. Er zijn veel toptalenten in de buurt, maar er moet een partij de verbinding hiertussen leggen. Er moet een netwerk ontstaan wat hier de focus op heeft. De gemeente kan deze rol pakken. In de jaren ’90 zijn er veel projecten geweest in Amsterdam en de Bijlmer specifiek. Hieruit kunnen lessen worden geleerd. Daarentegen wordt ook opgemerkt dat verbinden geen doel op zich moet zijn. Mensen willen een eigen plek en hier moet ook ruimte voor zijn.
Er wordt opgemerkt dat niet alleen sociale verbindingen moeten worden gelegd, ook economische. Er is nu een grote tweedeling aanwezig; ten oosten van het spoor wonen (Bijlmer), ten westen van het spoor werken (Amstel III). Er zijn woningen gepland in Amstel III, maar er zouden ook bedrijven naar de Bijlmer moeten komen.
Er wordt voorgesteld om gezamenlijke doelen te maken. Dit zorgt voor de meeste verbondenheid en betrokkenheid. Een gezamenlijk doel kan zijn de metrostation inrichting of de inrichting van de onderdoorgangen. Uit gesprekken met bewoners en gebruikers kan worden afgeleid wat er nodig is en aan welk gezamenlijk doel mensen willen meewerken.

5. Discussieronde
Hoe kunnen de spoorlijnen een ruggengraat vormen tussen de Bijlmer en Amstel III? Dit dient als introductie voor de discussie die volgt. Theo legt de zaal uit hoe de discussieronde werkt. De opdracht is dat de aanwezigen op post-its aangeven welke initiatieven zij kunnen bedenken om het spoor als ruggengraat te kunnen laten fungeren. De groep splitst zich in twee groepen. Uiteindelijk worden alle ideeën op een kaart van het gebied geplakt.

6. Vervolgstappen en afsluiting
Theo vraagt van iedereen de aandacht. Het resultaat van de sessie is goed op de kaart te zien; een groot aantal ideeën, verspreid over het gebied. Deze ideeën zullen allemaal worden bekeken. De gemeente gaat vervolgens kijken wat er mogelijk is om ideeën te realiseren. Er is nog niet een specifiek budget hiervoor beschikbaar, maar voor goede ideeën wordt zeker gekeken wat er mogelijk is. Er wordt aangegeven dat een quick-win het opruimen van de buurt is. Tot slot bedankt Theo alle aanwezigen voor hun komst en deelname aan de sessie.